De 1♣ opening en transfer Walsh

Onze 1 opening kan op een korte kleur gedaan worden met 4-333, 4-333, of 4-4-32/23, met een hand die buiten de range voor een SA-opening ligt. In alle andere gevallen zijn de klaveren echt, vanaf een vierkaart. Hierover spelen we (een variant van) transfer Walsh. Deze conventie heeft aan aantal voordelen t.o.v. standaard “Biedermeijer groen”:

  • Er wordt voorrang gegeven aan het onderzoek naar een fit in een hoge kleur
  • Er wordt extra ruimte gecreëerd voor het vinden van een 5-3 fit in een hoge kleur
  • Antwoorder kan op sommige subminimale handen proberen contractverbetering te bereiken met iets meer hoop de bieding onder controle te kunnen houden
  • Het contract wordt vaker in de goede hand geplaatst
  • Er ontstaat vaker duidelijkheid over openaars klaverenlengte

De twee goedkoopste biedingen, 1 en 1, worden gereserveerd voor het aangeven van de hoge kleuren. Het dure 1 wordt gebruikt voor de minder belangrijke ruitenkleur. Het effect van deze omwisseling is dat de 1//-antwoorden transfers geworden zijn naar 1//SA. De extra ruimte wordt (onder andere) gebruikt om 5-3 fits in de hoge kleuren sneller op te sporen.

De 1♦/♥ antwoorden

Deze antwoorden geven een vierkaart of langer in de kleur erboven aan. Zou het “standaard” antwoord op de 1 opening dus 1 zijn, dan bied je nu 1, hetzelfde geldt voor 1 en 1. Een biedserie als 1-1-1SA-2 belooft een vijfkaart of langer in schoppen (de eerstgeboden kleur), en tenminste een vierkaart harten.

De voorbeelden hieronder zijn ontleend aan “Better bidding with Bergen Vol I”.

KQ65
Q874
Q1042
8
1: Vierkaarten hoog in normale volgorde.
10743
K53
KQ974
8
1: Schoppen gaan voor ruiten.
9
A643
Q87654
96
1: Harten ook.
8
Q953
A1087432
8
1: Of stop stiekem een hartje bij je ruiten en bied 1
8
8654
A654
Q753
J954
Q6
87
A10654
1: Onderzoek naar /-fit komt voor klaverensteun.

Over de 1/ antwoorden geeft openaar zijn normale rebid. Enige uitzondering is het “accepteren” van de transfer. Dat belooft precies een driekaart in antwoorders kleur. Alle andere rebids (behalve 2SA) ontkennen dus precies een driekaart. Met een vierkaart hoog mee en een zeskaart klaveren wordt met een sterke hand 4 geboden en met een zwakke hand vier in de hoge kleur.

Enkele voorbeelden:

1 - 1
AK109
AQ9
87
10643
1: Driekaart aangeven
A875
10843
A6
AJ5
2: Normale verhoging naar 2.
9
K108
AK64
AKQ97
1: Later eens flink “uitpakken”.
AK64
95
J108
AQ73
1: Natuurlijk, ontkent een driekaart harten. Antwoorder weet nu
dat openaar tenminste een vierkaart klaveren heeft!
9
K1084
AK6
AKQ97
3: Splinter!

Met een hand die geschikt is voor een 2SA rebid verzwijgt openaar bij ons zijn driekaart steun voor antwoorder. Op deze manier voorkomen we dat antwoorder door 1SA te herbieden het eindcontract in de verkeerde hand plaatst. Na een 2SA rebid spelen we 3 t/m 3 als transfers zodat een 5-3 fit in alsnog wordt gevonden, en in de goede hand wordt gespeeld.

Verder bieden nadat openaar de transfer accepteerde

Omdat openaar de transfer accepteert met (bijna) alle openingen met een driekaart steun is die acceptatie rondeforcing. Openaar kan immers nog 20(nbsp)punten hebben. Alleen met handen waarop je niet op 1 durfde te passen (bijvoorbeeld vier punten met een doubleton klaveren) kun je als antwoorder de handdoek in de ring gooien.

Meestal heeft openaar een evenwichtig spel in de 12-14 range. Als openaar in deze situatie 15 punten of meer heeft, is hij onevenwichtig.

Als antwoorder een vijfkaart of langer heeft is er een fit. Er zijn legio manieren om verder te gaan.

  • Met een zwak spel (tot 9 punten) verhoog je simpelweg naar 2 niveau. Openaar zal meestal passen. Verder bieden gaat als na 1♥-2♥.
  • Met evenwichtig inviterend spel (10-11) bied je eerst 2, en herbiedt vervolgens je vijfkaart op twee niveau. Openaar mag daarop passen, of hij kan verder bieden als na 1♥-2♥.
  • Met een evenwichtig spel vanaf openingskracht bied je eerst 2 en herbiedt daarna je kleur.
  • Een sprong in een nieuwe kleur (dus niet in !) is een splinter, tenminste inviterend. Afstoppen op drie niveau is daarop nog steeds mogelijk.
  • Springen naar drie in je kleur is inviterend, en belooft een zeskaart of langer (met een vijfkaart heb je voldoende andere mogelijkheden).
  • Onevenwichtige handen met korte klaveren zijn een probleem. Als je sterk genoeg bent kun je naar 4 splinteren. Ben je daar niet sterk genoeg voor dan herbied je je kleur via 2. Je behandelt je hand daarmee als evenwichtig.

Zonder vijfkaart is de speelsoort nog niet bekend. Antwoorder gaat als volgt verder:

  • Het meest voorkomende rebid is 1SA (tot en met 10 punten). Dat mag wat off-shape zijn, maar je hebt ook sign-offs naar de lagere kleuren beschikbaar.
    Openaar past nu met een 12-14(nbsp)SA. Als hij verder biedt is hij daarom altijd onevenwichtig, met een vijfkaart of langer in de klaveren. In het biedverloop 1(-)1(-)1-1SA-2 toont openaar bijvoorbeeld 1345 of 0346 distributie met 16(nbsp)punten of meer (2 is nog steeds reverse).
  • Antwoorder kan ook een sign off geven naar 2 (via 2), of direct 3 bieden als sign off.
  • Sterkere handen zonder vijfkaart gaan verder via 2 of 2 (Two way checkback).

Het 1♠ antwoord

Het 1 antwoord toont een vierkaart ruiten. Omdat klaverenverhogingen bij ons tenminste een vijfkaart beloven kan antwoorder eventueel ook een vierkaart klaveren en een 4333 verdeling hebben. Hij heeft dan geen (ander) bod beschikbaar.

De 1 en 1 antwoorden hebben voorrang op het 1 antwoord (het Walsh principe). Het 1 antwoord ontkent in eerste instantie de hoge kleuren. Alleen als je zelf een opening hebt en de verdeling om later een reverse te geven toon je eerst je ruitenkleur. In het biedverloop 1-1-1SA-1 belooft antwoorder een vijfkaart ruiten, een vierkaart harten en een eigen opening.

De voorbeelden zijn wederom ontleend aan “Better bidding with Bergen Vol I”.

654
Q63
AQ54
873
1: op 1SA gaan we passen
AK54
A6
Q8743
93
1: Hier gaan we later met 2 reverse bieden.
654
863
AQ5
8743
1: Ook met 4-3-3-3.
742
86
AK874
A65
1: over 1SA probeer je 2SA.
Q104
KJ5
J6543
Q9
1: Je zou misschien liever 1SA bieden, maar dat is bij ons een klaverenverhoging.

Openaars rebid na 1♣-1♠

Openaar zal naar schatting in 80% van de gevallen 1SA herbieden. Dat doet hij met elke 12(-)14(nbsp)SA waarmee niet met 1 wordt geopend. Anwoorder gaat als volgt verder:

  • Met de meeste zwakke handen (tot en met 10(nbsp)punten) past hij. Tegenstanders hebben dan een “blinde” uitkomst tegen ons SA-contract. Openaar kan immers 0, 1 of 2 vierkaarten hoog hebben.
  • Met onevenwichtige handen die ongeschikt zijn voor een 1SA contract kan een hij een sign-off doen naar 3 of 2 (via 2).
  • Met een evenwichtige inviterende hand biedt hij simpelweg 2SA bieden (belooft precies 11(nbsp)punten.
  • Met een onevenwichtige inviterende hand herbiedt hij 2.
  • Met mancheforcing handen met een vierkaart hoog geeft antwoorder nu een “normale” reverse.
  • Met mancheforcing handen zonder vierkaart hoog zal anwoorder in de meeste gevallen simpelweg 3SA bieden.
  • Met mancheforcing handen waar nog meer onderzoek nodig is, begint dat onderzoek met 2.
1♣ - 1♠ - 1SA - 2♣

Antwoorders 2 rebid belooft in deze situatie een onevenwichtige hand, omdat je met evenwichtige handen simpelweg 2SA kunt bieden. Het belooft ook tenminste een vijfkaart ruiten, omdat je anders was begonnen met 1/, of met 1SA. Het verdere bieden is natuurlijk, waarbij eventueel ook 4-3 fits in een hoge kleur mogelijke eindcontracten zijn. Rebids na 1(-)1(-)2(-)2:

  • 2 en 2 beloven een stopper, en ontkennen een stopper in de andere hoge kleur. Het ontkent een vierkaart, want daarmee begin je met 1. Hierover kan openaar 2SA of 3SA herbieden met de andere hoge kleur gedekt (adequaat tegenover een singleton!). Zonder dekking kan hij 3 of 3 herbieden met een minimum. Met een maximum zonder stopper lijkt de manche nog steeds ver weg. Openaar kan een poging voor een 4-3 fit doen met 3/, of voor 5/ door 4/ te bieden.
  • 2SA is een raar bod. Waarom herbood antwoorder dat niet meteen? We gebruiken deze omweg voor een hand met korte klaveren en (dus) tenminste en zeskaart ruiten. Dat heeft het voordeel dat de andere rebids een probleem in een hoge kleur impliceren. Daardoor krijg je heldere biedverlopen en kan openaar makkelijker inschatten of er voldoende dekking is in de hoge kleuren.
1♣ - 1♠ - 1SA - 2♦

De 2 relay ontkent vierkaarten hoog (dan reverse 2/). Omdat er zeker geen fit is in een hoge kleur, richten we het onderzoek in eerste instantie op het bereiken van een manche of slem in SA of een van de lage kleuren. Openaars eerste prioriteit is daarom het opsporen van een fit in de lage kleuren:

  • 3 geeft een vierkaart aan, en belooft daarmee ook een vierkaart klaveren.
  • 3 toont een vijfkaart
  • 2SA toont een vierkaart klaveren.
  • Als je dat allemaal niet hebt biedt je je beste hoge kleur. Je hebt in deze situatie tenminste één hoge vierkaart, misschien twee.

Als antwoorder over een van deze biedingen een hoge kleur biedt, is dat een stopper, en geeft een probleem aan in de andere hoge kleur. Als hij 4 of 4 biedt is dat Minorwood.

Schematisch
1 - 1 - 1SA
→ 2® = Puppet, SO in(nbsp)(nbsp) of inviterend
→ 2® = Verplicht
→ pas = Wilde 2 spelen
→ 2/ = Stopper, andere hoge kleur ongestopt, inviterend
→ 2SA = 6, korte klaveren
→ 3 = 5+, 4+, beide hoge kleuren ongestopt
→ 3 = 6+, geen 4+, beide hoge kleuren ongestopt
→ 2® = Mancheforcing relay, ontkent vierkaarten /
→ 2/ = Stoppers (waarschijnlijk een vierkaart), zonder vierkaarten in of
→ 2SA = 4, geen 4
→ 3 = 5
→ 3 = 4 (en dus ook 4)
→ 2/ = Natuurlijk, reverse, mancheforcing.
→ 2SA = Natuurlijk, inviterend (11 punten).
→ 3 SO
→ 3 = Natuurlijk, inviterend. Ontkent korte .

Het bieden na 1♣ - 1SA

Na 1-1SA weten we al veel, maar er is ook nog veel wat we moeten uitzoeken:

  1. Hoe hoog? Deelscore, manche en slem zijn allemaal mogelijk.
  2. Hebben we een klaverenfit?
  3. Hebben we afdoende stoppers voor een SA-contact?

Openaar biedt 2 met 14 punten of minder. Bij alle andere antwoorden is in elk geval de manche zeker. 2SA geeft 18-19 punten aan met een evenwichtige hand. Na deze antwoorden is de klaverenfit nog niet zeker.

Alle andere antwoorden beloven een onevenwichtige hand (dus 4+) en tenminste 15 punten. Een nieuwe kleur zonder sprong is een stopper, sprongbiedingen zijn splinters. In het verdere bieden toont 2SA (indien beschikbaar) de ontbrekende stoppers. 3SA is altijd een voorstel om daar te spelen.

Na 1-1SA-2 kan antwoorder passen met een minimum. In een parenwedstrijd kun je overwegen om toch door te pushen naar 2SA. Met inviterend handen biedt hij 2 of 2 (stopper), 2SA met een evenwichtig spel en verspreide plaatjes, of 3 zonder stoppers in de hoge kleuren. Met sterkere handen vraagt hij door met 2, waarover openaar met een evenwichtige hand 2SA biedt, en met een onevenwichtige hand een stopper.

Na 1-1SA-2SA of na 1-1SA-2-2-2SA weten we dat er voldoende kracht is voor de manche of misschien zelfs slem, maar de klaverenfit is nog steeds niet zeker. Antwoorder kan een 3 relay gebruiken dat op te helderen. Over de relay biedt openaar biedt zijn klavenlengte (aflopend): 3 met een vijfkaart, 3 met een vierkaart, 3 met een driekaart, en 3SA met een doubleton. Als antwoorder stoppers belangrijker vindt dan klaverenlengte biedt hij 3// om een stopper aan te geven.

Doordat openaar met gebalanceerde handen in eerste instantie geen stoppers toont, kan antwoorder met een evenwichtig spel opteren om 3SA bieden zonder alle stoppers te hebben opgespoord. Dat is niet zonder risico, maar maakt de tegenstanders ook lastig het beste tegenspel te vinden. Niet alle handen zijn daarvoor natuurlijk geschikt, maar het is prettig om de mogelijkheid te hebben.

1 - 1SA
→ 2 = 14 punten of minder
→ 2® = Mancheforcing, vraagt.
→ 2/ = Stopper, onevenwichtig
→ 2SA = Evenwichtig, verder als na 1-1SA-2SA
→ 3 = 6+. Hierna stoppers.
→ 3// = Splinter. Stoppers in de ongeboden kleuren.
→ 2/ = Inviterend, 11 punten (mooie 10), stopper
→ 2SA = Inviterend, 11 punten (mooie 10), stopper
→ 3 = Inviterend, 11 punten, 6+
→ 2// = Stopper, onevenwichtig, 15+ punten, mancheforcing
→ 2SA = Evenwichtig, 18-19 punten
→ 3® = Relay, vraagt klaverenlengte
→ 3 = 5
→ 3 = 4
→ 3 = 3
→ 3SA = 2
→ 3 = 6+, 15+ punten, mancheforcing. Hierna stoppers.
→ 3// = Splinter, stoppers in andere kleuren, 15+ punten, mancheforcing. Hierover is 3SA een voorstel om te spelen.

Aanpassingen na interventie

Na een informatiedoublet op 1 blijven de antwoorden hetzelfde. Na een volgbod op 1 vervalt T-Walsh. In de situatie 1-(pas)-pas-(dbl)-redbl geeft openaar een hand met een doubleton of een zwakke driekaart klaveren aan.

/share/Web/dokuwiki/data/pages/bridge/systeem/1-klaveren-opening.txt · Laatst gewijzigd: 2015/10/14 21:55 door carola
CC Attribution-Share Alike 4.0 International
Powered by PHP Driven by DokuWiki Recent changes RSS feed Valid CSS Valid XHTML 1.0 Valid HTML5